Menu

Nizaar Makdoembaks | Verschillende publicaties

31 oktober 2013  |  Opdrachtgevers, Opdrachtgevers overig
Hoogste babysterfte van Nederland

Hoogste babysterfte van Nederland

Nizaar Makdoembaks is oud-huisarts in Amsterdam-Zuidoost en werkt als arts-onderzoeker aan een sympathiek oeuvre. Wij verzorgden via Belvédère Uitgeverij/Woordenwinkel de eindredactie en de drukproefcorrectie voor een aantal van zijn publicaties.

Dichtbij zijn oude metier ligt het boek Hoogste babysterfte in Nederland. Daarin gaat hij op zoek naar de oorzaken van de hoge babysterfte onder niet-westerse allochtonen. Hij gaat daarbij uit van zijn eigen praktijkervaringen in Amsterdam-Zuidoost.

 

 

 

Werken over koloniale geschiedenis

De aprilmoorden

De aprilmoorden

In twee andere boeken gaat Makdoembaks in op de zogenaamde aprilmoorden op Curaçao, tijdens de Tweede Wereldoorlog. Als oprichter en voorzitter van de Stichting Eerherstel Oorlogsslachtoffers Curaçao (SEOC) voert hij aanhoudend strijd voor erkenning van deze oorlogsmisdaden en genoegdoening voor de slachtoffers en hun nabestaanden. In 2012 verscheen De Aprilmoorden en in 2014 Chinezen gekwetst in Oost en West. Hierin doet de auteur verder onderzoek: hij dook in de archieven en interviewde getuigen. Wij verzorgden de drukproefcorrecties van beide uitgaven.

 

 

 

Makdoembaks: Mohammed smeekt om genade

Mohammed smeekt om genade

Wij verzorgden ook de eindredactie van het boek Mohammed smeekt om genade – Gruwelen van strijders van Oranje (augustus 2015). Makdoembaks reconstrueert hierin de gruweldaden van de ‘strijders van Oranje’ Hendrik Colijn en Cornelis van den Berg. Beiden kwelden, mishandelden en martelden inlanders tot de dood erop volgde. Deze grove misdaden bezorgden militair en staatsman Colijn een heldenstatus – luitenant Van den Berg een veroordeling door de krijgsraad.
Wat maakt iemand tot held? Of misdadiger? Of terrorist? Misdaden tegen de menselijkheid verjaren immers niet. Makdoembaks’ studie roept ongemakkelijke vragen op die smeken om een helder antwoord.

 

 

 

De Goslar-affaire

De Goslar-affaire

Al vanaf het begin van de Tweede Wereldoorlog wordt het uitzicht op de Surinamerivier in Paramaribo bepaald door een scheepswrak: de Goslar. Het wrak raakt langzaam begroeid en roest steeds verder weg. Hoe is het daar gekomen? Waarom wordt het maar steeds niet opgeruimd?

In zijn nieuwste boek, De Goslar-affaire. Ontmaskering van een geheime militaire missie, haalt Nizaar Makdoembaks de ware toedracht boven water rond dit merkwaardige monument. Op 5 september 1939 voer de Goslar, een groot Duits koopvaardijschip, de Surinamerivier op. Na de bekendmaking op 10 mei 1940 dat Nederland in oorlog was met Duitsland, nam de overheid in de diverse koloniën Duitse schepen in beslag. Maar niet de Goslar. De bemanning bracht het schip tot zinken volgens eerder ontvangen instructies uit Duitsland.  Makdoembaks maakt duidelijk dat de Goslar-affaire onderdeel was van een geheime militaire strategie: men stond moedwillig toe dat het schip zou zinken. De Nederlandse autoriteiten beschouwden het schip namelijk als een goedkoop verdedigingsmiddel in de haven van Paramaribo, op de plek waar de stad het meest kwetsbaar is voor overrompelingsaanvallen. Makdoembaks concludeert: Nederland zou zijn aansprakelijkheid moeten erkennen en het opruimen van de Goslar moeten betalen.

Scheepswrak van de Goslar in 2009 (foto: Mark Ahsmann, Wikimedia Commons)

Scheepswrak van de Goslar in 2009 (foto: Mark Ahsmann, Wikimedia Commons)